Intervaltraining, wat is dat?

Intervaltraining, wat is dat?

Je ziet het vast wel eens voorbij komen, intervaltraining, maar wat is het nou eigenlijk?

Een intervaltraining bestaat uit meerdere snelle delen (hartslag verhogend), waarbij je tussen de snelle delen actieve rust hebt (herstel). Afhankelijk van welke intervaltraining je doet, kunnen zowel het snelle als het rustdeel nogal verschillen.

Allemaal leuk en aardig dat aanzetten en gas terugnemen, maar wat is nou het nut van een intervaltraining?
Tijdens een intervaltraining vraag je wat extra’s van je lichaam. Je spreekt andere energiebronnen aan dan tijdens een duurloop en vraagt dus ook een ander soort herstel van je lichaam. De actieve rust/dribbel tussen de intensieve delen in, vergroot het slagvolume van het hart en verhoogt de bloedsomloop, waardoor het sneller herstellen toeneemt. En dit helpt je conditie te verbeteren.

Je kunt intervaltrainingen op een intensieve of extensieve manier doen.

Intensief:
Je loopt tijdens de training een beperkt aantal herhalingen op 80% á 90% van de maximale snelheid die je zou kunnen behalen op de geplande loopafstand (je actieve deel, bijv. 200 meter). Je herstelmomenten zijn het dubbele van het intensieve deel op een relaxt dribbeltempo.

Voorbeelden:

  1. 6x 200 meter actief
    Tussendoor 400 meter dribbelpauze
  2. 8x 1 minuut aanzetten
    Tussendoor 2 minuten dribbelpauze
  3. Herhaal 2x onderstaande met tussendoor 5 minuten dribbelpauze
    4x 300 meter actief
    Tussendoor 500 meter dribbelpauze

Extensief:
Je loopt tijdens de training een groot aantal herhalingen op 70% á 80% van de maximale snelheid die je zou kunnen behalen op de geplande loopafstand (je actieve deel, bijv. 400 meter). Je herstelmomenten zijn vaak de helft van het actieve deel, nu dus 200 meter dribbelen.

Voorbeelden:

  1. 10x 400 meter actief
    Tussendoor 200 meter dribbelpauze
  2. 10x 2 minuten aanzetten
    Tussendoor 1 minuut dribbelpauze
  3. Priamide interval.
    Actief: 1 minuut, 2 minuten, 3 minuten, 2 minuten, 1 minuut, 2 minuten, 3 minuten, 2 minuten en 1 minuut.
    Tussendoor 1minuut drippelpauze

Hopelijk is het woord: intervaltraining, nu iets duidelijker geworden, weet je nu wat je moet doen om ook te kunnen intervallen en kun jij het volgende keer ook roepen: “dat was een fijne intervaltraining!”

Vergeet niet je warming-up te doen voordat je begint. En wandel of dribbel de laatste meters relaxt naar huis!

Succes!

7 Comments

  1. Pingback: 9 tips voor het verbeteren van je vijf kilometertijd! - Running Girls

  2. Pingback: Trainen op hartslag, hoe werkt dat? - Running Girls

  3. Pingback: Interval inspiratie! - Running Girls

  4. Pingback: Wat je kunt doen om nog sneller te worden! - Running Girls

  5. Pingback: Waarom een relaxte duurloop goed voor je is. - Runninggirls

  6. Pingback: Berlijn! Week 9. - Runninggirls

  7. Goed uitgelegd! Binnenkort maar weer eens de schoentjes aan trekken en in t Plantsoen oefenen ;).

Laat een berichtje achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*